Max van der Put – pamfletten

Biografie

Max is kunsthistoricus en kunstenaar. Hij publiceerde onder andere Plunder and Pleasure. Japanese Art in the West 1870-1930 (Hotei Publishing 2000) over de invloed van Japanse kunst op die van het westen, en ‘Art Nouveau in Amsterdam’, (Stokerkade, 2020) over de Amsterdamse Art Nouveau architectuur van rond 1900. 

Als tekenaar stelde hij in 2024 samen met mede-kunstenaar Mark Schalken onder de titel ‘Blote Mannen’, tekeningen tentoon van blote mannen, jong, oud, dik, dun, groot, klein, in galerie Weerdruk, aan het Entrepotdok in Amsterdam

Pamfletten van het stadsarchief / IHLIA uit de jaren 70 en 80.

Het Flikkerfront was een links radicale groep homoseksuelen uit Amsterdam die halverwege de jaren 70, tegelijkertijd met de Rooie Flikkers uit Nijmegen, werd opgericht*. Een deel van de Rooie Flikkers verhuisde later naar een kraakpand in de Voetboogsteeg in Amsterdam. Eind jaren 70 stapten sommige leden van het Flikkerfront over naar de Rooie Flikkers wegens een verschil in visie. Ze bleven echter elkaar steunen. In die periode sloot Max zich aan bij het Flikkerfront.
Zowel het Flikkerfront als De Rooie Flikkers hadden een blaadje: Flikkerlicht en Mietje. Hiernaast organiseerden ze ludieke acties om aandacht te vestigen op discriminatie van homo’s en gelijke rechten te eisen, zonder zich te hoeven aanpassen aan de heteronorm. Hierin verschilden ze van het COC.

Eén jurk zegt meer dan duizend woorden t.g.v. de gelijknamige tentoonstelling in de OBA in 2017 (georganiseerd door het IHLIA). Hierin wordt de geschiedenis van beide groepjes beschreven.


De roze driehoeken, 1978

In de jaren 60 tot en met 80 waren er vaak demonstraties voor rechten van vrouwen en minderheden, onder andere tegen discriminatie wegens politieke voorkeur bij bepaalde beroepen (beroepsverboden). Omdat homoseksuelen net zo goed werden uitgesloten van bepaalde beroepen besloot het Flikkerfront een van deze demonstraties, georganiseerd door de PSP* (Pacifistisch Socialistische Partij) te infiltreren.
Max is in het kader van het drieluik ter ere van Amsterdam 750 de archieven van (IISH) ingedoken en vond dit verloren gewaande pamflet terug. Paul de Groot bedacht de tekst, die Max op de tentoongestelde roze driehoeken schreef en de tekeningetjes erbij maakte. De gedrukte pamfletjes werden in een vuilniszak gestopt waar een fles parfum in leeg werd gespoten. Het Flikkerfront was maar een klein groepje, dat zich mengde met de demonstratie en de driehoeken uitdeelde waardoor de demonstratie in een oogwenk gehuld was in een wolk van parfum. 
In de pers werd geschreven over de demonstratie, maar nergens werd aandacht besteed aan de actie van het Flikkerfront. Ook in ‘Een jurk zegt meer dan duizend woorden’ *, wordt de actie niet vermeld. Het roze driehoekspamfletje in het archief van het IISH is vermoedelijk het enige nog bewaarde exemplaar.

* De PSP bestond van 1959 tot 1991 en trok naast links intellectuelen en studenten in de jaren 70 ook feministen en homoseksuelen aan. In 1991 ging de partij op in Groen Links.

Voor Elke Lul een Krul, 1978

De periode na de tweede wereldoorlog kenmerkte zich door nog strengere anti-homoregels en discriminatie dan tijdens de oorlog. Er waren nauwelijks openbare gelegenheden waar mannen elkaar konden ontmoeten en als ze er waren dan viel de politie er stelselmatig binnen. Mede hierdoor werden de urinoirs (“piskrullen”) belangrijke ontmoetingsplekken voor homo’s. In de late jaren 1960 begon de gemeente die te verwijderen, onder andere met het argument dat ze hiermee homoseksuelen wilden beschermen tegen potenrammers (mannen die op zoek gingen naar homoseksuelen om die in elkaar te slaan). Dit kwam echter heel weinig voor en de eigenlijke reden was dat de gemeente aanstoot nam aan de homoseksuele activiteiten die in de urinoirs plaatsvonden. Paul en Max van het Flikkerfront bedachten en ontwierpen de affiches ‘Voor elke lul een krul’ en ‘Voor elke zak een bak’,  die overal in de stad werden aangeplakt, waardoor er aandacht kwam voor het verwijderen van de urinoirs. In Paradiso werden in die periode openbare discussieprogramma’s opgenomen voor de VPRO. Een van die programma’s had als thema ‘geweld’. Max is hiernaar toe gegaan en heeft het woord gevraagd en verteld hoe de gemeente het oneigenlijke argument van geweld tegen homo’s aangreep om de pisbakken weg te halen. Gerrit Komrij schreef erover in zijn column ‘Een en ander’ in NRC Handelsblad (22 maart 1978). In de laatste twee alinea’s gaat het over de actie: die ‘jonge rooie flikker met dat roze driehoekje op zijn kraag’. Door de aandacht die de acties genereerde bleven de meeste urinoirs behouden.

Mietje

Het blad van de Rooie Flikkers heette MIETJE. Het blad maakte alle scheldwoorden tot geuzennaam: potten, mietjes, flikkers, en ging uit van het principe dat werkelijke vrijheid voor mensen van de regenbooggemeenschap niet bereikt werd door heteronormatief aangepast gedrag. Die gematigde koers, die werd gevolgd door onder andere het COC, zou alleen maar leiden tot een schijnacceptatie. De flikkers waren een linkse radikale beweging die streed voor absolute acceptatie en gelijkheid. Ware vrijheid betekende geen hiding-in-plain-sight maar ondubbelzinnig jezelf zijn, ook al gaf dat stereotypen die door heteroseksueel-conservatieven werden opgevat als provocerend of onaangepast.

Biography

Max is an art historian and artist. He has published works such as Plunder and Pleasure: Japanese Art in the West 1870-1930 (Hotei Publishing 2000) about the influence of Japanese art on Western art, and Art Nouveau in Amsterdam (Stokerkade, 2020) about Amsterdam’s Art Nouveau architecture from around 1900.

As a draftsman, he exhibited drawings of naked men, young, old, fat, thin, tall, and short, together with fellow artist Mark Schalken, under the title “Blote Mannen” (Naked Men) in 2024 at the Weerdruk gallery on Entrepotdok in Amsterdam.

Pamphlets from the City Archive / IHLIA from the 1970s and 1980s.

The Flikkerfront was a left-wing radical group of homosexuals from Amsterdam, founded in the mid-1970s, simultaneously with the Rooie Flikkers from Nijmegen. Part of the Rooie Flikkers later moved to a squat in the Voetboogsteeg in Amsterdam. By the end of the 1970s, some members of the Flikkerfront joined the Rooie Flikkers due to a difference in vision. However, they continued to support each other. During this period, Max joined the Flikkerfront.

Both the Flikkerfront and the Rooie Flikkers had a newsletter: Flikkerlicht and Mietje. In addition, they organized playful actions to draw attention to discrimination against gays and demand equal rights, without having to conform to heterosexual norms. This set them apart from the COC (a more moderate LGBT organization).

Eén jurk zegt meer dan duizend woorden in honor of the exhibition of the same name at the OBA in 2017, organized by IHLIA. This describes the history of both groups.

The Pink Triangles, 1978

From the 1960s to the 1980s, there were frequent demonstrations for women’s and minority rights, including against discrimination based on political preference in certain professions (professional bans). Since homosexuals were also excluded from certain professions, the Flikkerfront decided to infiltrate one of these demonstrations organized by the PSP* (Pacifist Socialist Party).

Max, in the context of the triptych in honor of Amsterdam’s 750th anniversary, dug into the archives of the IISH(International Institute of Social History) and found this long-lost pamphlet. Paul de Groot came up with the text that Max wrote on the displayed pink triangles and also drew the little illustrations. The printed pamphlets were put into a trash bag, in which a bottle of perfume was emptied. The Flikkerfront was a small group that mingled with the demonstration and distributed the pink triangles, which caused the demonstration to be enveloped in a cloud of perfume in no time.

The press wrote about the demonstration, but nowhere was attention given to the action of the Flikkerfront. The action is also not mentioned in ‘Een jurk zegt meer dan duizend woorden’ (A Dress Says More Than a Thousand Words), the book published in connection with the exhibition at the OBA (Openbare Bibliotheek Amsterdam) in 2017. The pink triangle pamphlet in the IISH archive is probably the only remaining copy.

*The PSP existed from 1959 to 1991 and attracted not only left-wing intellectuals and students but also feminists and homosexuals in the 1970s. In 1991, the party merged with GroenLinks (Green Left).

For Every Dick a Curl, 1978

The period after the Second World War was characterized by even stricter anti-homosexual laws and discrimination than during the war. There were hardly any public places where men could meet each other, and if they existed, the police routinely raided them. Because of this, urinals (“piskrullen” or “piss curls”) became important meeting spots for homosexuals. In the late 1960s, the municipality started removing them, partly with the argument that they wanted to protect homosexuals from “pothunters” (men looking for gays to beat up). However, this was rare, and the real reason was that the municipality found the homosexual activities in the urinals offensive. Paul and Max of the Flikkerfront came up with and designed the posters ‘For Every Dick, a Curl’ and ‘For Every Sack, a Bin’, which were plastered all over the city, drawing attention to the removal of the urinals. During that period, public discussion programs were recorded in Paradiso for the VPRO, a Dutch broadcaster. One of those programs had the theme of “violence.” Max attended, asked for the floor, and explained how the municipality used the false argument of violence against homosexuals to justify removing the urinals. Gerrit Komrij wrote about it in his column ‘Een en ander’ in NRC Handelsblad (March 22, 1978). In the last two paragraphs, he discusses the action: the “young red fag with the pink triangle on his collar.” Due to the attention these actions generated, most of the urinals were preserved.

Mietje

The magazine of the Rooie Flikkers was called MIETJE (faggot). The magazine turned all the slurs into terms of endearment: queens, sissies, fags, and operated on the principle that true freedom for people in the rainbow community could not be achieved through heteronormative, adjusted behavior. This moderate approach, followed by groups like the COC, would only lead to a false acceptance. The Flikkerfront was a left-wing radical movement fighting for absolute acceptance and equality. True freedom meant not hiding “in plain sight,” but unapologetically being yourself, even if it involved stereotypes that were interpreted as provocative or nonconformist by heterosexual conservatives.

meer over Quartz! >>>